Eerdere edities

Lees de winnende gedichten van het Poëzie Festival in 2017 en 2019.

Winnaars van de dichtwedstrijd 2019

Uit de bundel ‘Leeg is het, mijn ziel’ (2019, ISBN 978949254423 0)

R. Brondy - Plein der Mensheid

Op het plein der mensheid
Bewoog ze zich langzaam voort
Gelijk een marionet
Met snijdende draden doorboord
Onder zachte, gladde huid
Een tikkende tijdbom
Helse stemmen klinken luid
Niemand kijkt om
Een orkaan woedt in haar
Geen uitweg
Dan uit de verte
Een aanreikende hand

Brosichtus - Niet eens naar buiten gekeken

Niet eens naar buiten gekeken
Een dag dat ik niet eens naar buiten heb gekeken
Niks geroken, niks gevoeld, niks meegemaakt
Binnen herinnert niets aan het thuis dat het ooit was
De rust is er uit vertrokken; nu gejaagdheid
Niet eens dat iedereen dood is
Of dat ik dood ben
En vergeten
Het is zo’n dag die naar mij blijft zoeken
En hoe graag ik ook gevonden wil worden
Ik ben kwijt

P. Mengerink - Dat ben ik vergeten...

Ik wil niet dat je verdriet hebt

Maar het is alsof het water van het strand af ebt

Niet huilen vannacht

Geef je al mijn opgespaarde kracht

Om weer je oude, vrolijke zelf te worden en te kunnen zijn

Want je zo te zien doet ongelooflijk veel pijn

Ik mis je, ben je kwijt, verloren

Wat mijn wens is, is dat je opnieuw wordt geboren

En met een stralende lach tegen me spreekt en zegt dat het een boze droom is geweest

En geen zieke geest

Die steeds meer vergeet

Straks helemaal niets meer weet…

V. Philips - Vakantieherinnering

Zon morst stralen door het bladerdek
Kabbelend water weerspiegelt het goud
Schaduwen van omringende bomen
Strekken zich uit over het witte duinzand.

Kraaien krijsen in boomtoppen
Een flits blauw tegen het geel
Als een ijsvogel opvliegt
Verdwijnt in de blauwe poel.

Ebbende zee trekt terug
Schelpen liggen bloot
Bewaren in hun herinnering
De markering van de vloed.

Meeuwen vliegen hoog op
Klimmen met luidruchtig misbaar  
Duiken in volmaakte kringen
Over de witte water schuimkragen

Een koude vlaag vochtige lucht  
Bespeelt verkoelend mijn huid
De wind blaast zich zelf uit
Zonder regen te brengen.

’s Avonds is er niemand over
Oranje gloed markeert de horizon
Mist als een deken over de zee
Mooie dag, ik plukte je

M. van Rij -  Wat mij dierbaar is – Ik zeg het met dieren

Op een ochtend, en laatst opnieuw keek ik mijn tuintje in en ontdekte dat er een huisjesslak boven op het hoofd van mijn tuinboeddha was gaan plakken. Gaandeweg ontstond er dit gedicht, met dieren in de hoofdrol.

Mag ik een slak op mijn hoofd, zodat ik trager kan denken?
Mag ik een ijsvogel bovenop mijn hoofd, zodat het stil wordt in mijn pan?
Mag ik een poesje in mijn hart, om mijn muizenissen te beperken?
Mag ik een paard op mijn voeten, zodat ik rechtop kan blijven staan?

Mag ik een aapje op mijn schouders, zodat ik vrolijk kan blijven lachen?
Mag ik een hondje langs mijn benen, zodat ik vrolijk kan blijven zijn?
Mag ik een zwijntje in mijn armen, om mij vrolijk te begroeten?
Mag ik een katje op mijn schoot, om dan blij met mij te zijn?

Mag ik een kikker in mijn stem, om mijn onrust uit te kwaken?
Mag ik een giraf langs mijn hals, om hogerop te kunnen staan?
Mag ik een uil in mijn ogen, om mijn indrukken te bewaken?
Mag ik een eendje in mijn oren, om kwekkend mee om te kunnen gaan?

Mag ik een pinguïn tussen mijn tenen, zodat ik grappig kan wandelen?
Mag ik een egeltje op mijn huid, om opgerold te winterslaap te gaan?
Mag ik een dolfijntje in mijn buik, zodat ik uit vreugde kan blijven handelen?
Mag ik een coyote in mijn stem, zodat ik kan zingen naar de maan?

En mag ik een zebra op mijn pad, om in dit circus, mijn eigen weg te kunnen gaan?

Winnaars gedichtenwedstrijd 2017

Uit de bundel ‘Terwijl jij daar’ (2017, ISBN 978949254404 9)

E. Mensink - Teder

omkleed
de duinen

ruik
het vochtig
mos

stilte
hangt
om ons heen

rust
aangenaam
voelbaar

langzaam
neemt de omgeving
mij in zich op

de zee
ruisend
op de achtergrond

en mijn vriend
raakt me
zachtjes aan

J.Nijk - Ik ontmantelde een bom

Ik ontmantelde een bom in mijn
hoofd gekrijs van meeuwen
Zat op het dak van een wereld
Was ik een fontein in de winter
leeg en vol groene algen en
roestige grijpstuivers van
geluksmaffiosi.

Liever verslaafd aan verdriet
figuurzaagde ik tranen uit triplex
en zag duiven zonder poten grijs
opfladderen als zakken puin.

En moest ik duizenden stoelen versieren
van mensen die ik haatte
op een feest zonder einde.

Een nieuwe lente en nieuw geluid
Vluchtte in de branding van mijn oren
wachtte ik tot ik rimpelde op een ritselende revolutie?
ontkende een zon het licht van mijn bestaan?

En dan maar opstaan met in de schoenen
gezonken moed het was goed zo
De dag kon zo goed
als zinloos beginnen.

M. Geerdes - Mijn ziekte

Het is jaren geleden dat ik de straat raakte
Dingen deed, die ik nu kan laten
Ik had natte voeten, in mijn huid zaten blaasjes
Zwerf, slaap op een camping of hooiberg
Mijn geest bleef stuk, een sterke geest maar ziek
Terugkijken op die tijd, hoe denk je dat het voelt?
Voor mijn familie lastig over mijn doen/geest was ik niet machtig
Herinner mij de opvang in het Heem, de eerste avond sinterklaasavond
Eindelijk veilig slapen, ik mocht twee maanden blijven
Twee maanden tijd om mijn zaken op orde te krijgen
Het beestje kreeg een naam, de diagnose psychose
Het voelde klote, de dokter heeft het uit zijn duim gezogen
Een hoop lopen klooien, met de pet maar gooien

Een RM gekregen, deze gedwongen opname redde mijn leven
We zijn samen te voet richting de inrichting gegaan
Na een half jaar ontslagen, de behandeling niet aangeslagen
Had trek, trek in coke, ben verslaafd de straat weer opgegaan
De straat is gevaarlijk, echt eng, de status staatsgevaarlijk
Een gevaar voor de maatschappij
Ik ben veranderd, behandeld, die tijd is voorbij
Was een voorbeeld van hoe het niet moet
Weet nu hoe goed het gaat als ik mijn ding doe
De dag van vandaag: het leven lacht me toe
Eten, werk, een woning, voel mij rijk als de koning

S.Ezersöz - Glimlach bij de thee

Een moslim en een atheïst,
Zaten samen in een café.
Warm en knus in een hoekje,
Dronken zij een kopje thee.
Ze wachtten op hun joodse vriend,
Die nam drie vrienden mee.
Een christen en een katholiek,
De boeddhist keek heel tevree.
Er werd gelachen en gepraat.
Serieuze onderwerpen aangeraakt
En er werden grappen gemaakt.
Verschillende gewoontes daargelaten,
Hadden ze één ding gemeen:
Hun open hart lag liefdevol op tafel,
Die droegen ze altijd mee.
Dat was een ieder zijn zelfrespect.
Het enige dat telt.
Dat was hun streven in het leven.
Daar deden ze het mee.
Dat was hun magische warmte…
Dat was hun glimlach bij de thee!

V. Wijnen - Beschadigd

Door het leven of door het lot

Wanhopig, waanzinnig, vergeten of verrot

Voor sommigen het begin van de rest van hun leven
Voor sommigen transitie of reset
Voor sommigen duidelijkheid en acceptatie
Voor sommigen de laatste reis, het laatste bed

Maar beschut door duinen en dijken
Omringd door de weelde van bos en bloem
En onder de hoede van zorg en passie
Vindt het leven weer volle roem

Beschut door duinen en dijken
Wordt het lijden wat verzacht
Wordt het leven weer wat lichter
Vindt het leven weer haar kracht

Hoopvol, zinvol, herontdekking en volle bloei

Door een helpende hand of reddingsboei,

Begenadigd